


De ambtenaren van de Rijksoverheid reden het afgelopen jaar voor 16 miljoen euro schade. Hiervan betrof 11,6 miljoen euro schade aan het eigen voertuig door aanrijding met een andere weggebruiker of een eenzijdige aanrijding. Aan andere weggebruikers moet 4,3 miljoen euro worden uitgekeerd aan schade; er werd 412 duizend euro smartengeld betaald. Dat blijkt uit een onderzoek van de GPD-bladen.
In 2009 was de totale schadelast op het eigen wagenpark (9.479 auto’s) 4,5 miljoen euro; er werden 6.475 schades gemeld. In 2007 was de totale schadelast op eigen voertuigen nog 3,3 miljoen euro. Volgens het ministerie van Financiën is het verschil vooral te verklaren door het vergrote wagenpark, een toename van het aantal schademeldingen en de weersomstandigheden.
Hoewel sommige media direct spreken van een hoge schadelast, valt dit wel mee: In 2009 ging het gemiddeld per schade om een bedrag van €695; fors minder dan de gemiddelde Nederlandse schadelast per auto (€ 1.100). Gemiddeld wordt er op een wagenpark iets minder dan 1 schade per voertuig per jaar gemeld. De ophef komt waarschijnlijk voort uit het feit dat het Rijk de schades uit de staatskas betaalt. Maar dat zou dus wel eens goedkoper kunnen uitpakken dan wanneer de auto’s verzekerd zouden zijn.
